RET bus 1938-1945

Voor meer foto’s klik hier
Voor meer technische informatie klik hier

Proefbus 71
Kort voordat de kleine wagens in de 50- serie in bedrijf werden gesteld, was er een autobus van een nieuw model op de weg verschenen. Het was nummer 71, eersteling van een serie van niet minder dan 68 wagens; 71-138, die in de jaren 1938-1949 in bedrijf zouden komen.
Het eerste, dat bij deze nieuweling opviel, was de gewijzigde lijn en richtingaanduiding.
Tot nog toe hadden alle RET-autobussen (dat waren de nummers 1-67) een richtingfilm in het midden boven de voorruit gekend, geflankeerd door twee lijn letterfilms met tamelijk kleine letters.
Bij de eerste Krupp-wagens was de kleur van de films aanvankelijk zwart met witte letters, doch al spoedig werden alle wagens voorzien van geel gekleurde films met zwarte letters. Des avonds na ontsteking van de verlichting achter de films liet de leesbaarheid nogal wat te wensen over.

Bus 71, Kromhout-Verheul, type TB-L4A, 68pk, motor achterin. Het zojuist afgeleverde prototype in 1938

Bus 71, Kromhout-Verheul, type TB-L4A, 68pk, motor achterin. Het zojuist afgeleverde prototype in 1938

Bij in dienststelling van autobus 71 werd met het oude systeem gebroken. De nieuwe bussen, waaronder ook de wagens 68-70, kregen één lijn letterfilm, die van buitenaf gezien aan de linkerzijde boven de voorruit geplaatst was (in werkelijkheid dus aan de rechterzijde van de wagen) en waarbij een grote duidelijke letter, wit tegen een zwarte achtergrond, vertoond werd.
Rechts daarvan zag de passagier de bestemming aangeduid, eveneens in witte letters op een zwarte film. Dit systeem voldeed beter dan het oude. Na de oorlog werden de wagens 62, 64 en 65 eveneens nog van dit soort films voorzien; de andere oudere wagens bleven de oude lijn en route aanduiding behouden.

Bus 81, Lusthofstraat, Kromhout-Verheul, bouwjaar 1939, 1953

Bus 81, Lusthofstraat, Kromhout-Verheul, bouwjaar 1939, 1953

Autobus 71 was gebouwd op een Kromhout-chassis en had een 4-cilinder Kromhout/Gardner dieselmotor van 68 pk, welke achterin geplaatst was, waardoor de wagen van het trambus model was. De carrosserie was wederom van Verheul. Het voertuig had 27 zitplaatsen en ruimte voor 13 staande reizigers. Het proefmodel week vrijwel niet af van de volgende wagens in deze serie.
Aangezien de proefbus 71 voldeed, werd de reeks nog in 1938 vervolgd met de autobussen
72-76; in 1939 werden 15 wagens in bedrijf gesteld, de nummers 77-91, terwijl in dat jaar eveneens nog 7 bussen van een volgende bestelling van 20 stuks in dienst kwamen, namelijk de nummers 94-96 en 98-101. De rest van deze 20 verschenen in 1940, namelijk de bussen 92, 93, 97 en 102-111.

Oorlogstijd
Een volgende bestelling van 21 exemplaren werd in 1941 afgeleverd, genummerd 112-132, met uitzondering van de 122, welke in 1942 arriveerde. In 1943 werden de laatste 6 chassis van deze serie besteld, waarop in 1946 nummer 133 gebouwd werd en in dienst kwam en in 1949 de nummers 134-138. Verheul voorzag de nummers 72-101, 112-122 en 133-138 van een carrosserie, terwijl Allan de carrosserieën bouwde van de wagens 102-111 en 123-132.

Saurer-Allan bij de aflevering aan de Kleiweg in 1941. Bus 125, 123 e.a.

Saurer-Allan bij de aflevering aan de Kleiweg in 1941. Bus 125, 123 e.a.

De lotgevallen van deze serie waren tengevolge van de oorlogsomstandigheden vele. Van de op 14 mei 1940 al aanwezige autobussen werden er 8 door het bombardement getroffen en verbrandden, geheel of gedeeltelijk.
Het waren de nummers 78, 94-99 en 101.Van deze wagens werden de 78, 94 en 95 in 1941 van de oorlogsschade hersteld; in 1942 geschiedde dit met de bussen 96 en 97, terwijl de 101 eerst in 1945 na de nodige herstellingswerkzaamheden weer in dienst kwam. De nummers 98 en 99 zijn niet meer voor wederopbouw in aanmerking gekomen.

Bus 133 Kromhout-Verheul op de wasplaats in de garage Sluisjesdijk

Bus 133 Kromhout-Verheul op de wasplaats in de garage Sluisjesdijk

Het brandstofgebrek noopte het bedrijf naar andere middelen om te zien, om de autobusdienst
zoveel mogelijk gaande te houden. Een bepaald niet ideaal vervangingsmiddel voor de dieselolie werd gevonden in het houtgas. Er werden 55 houtgas generatoren aangeschaft, die op tweewielige aanhang wagentjes werden gemonteerd en aan een even groot aantal autobussen van deze serie verbonden.

Bus 110, lijn D, Proveniersplein, 10-1941 Bus met gasgenerator, Kromhout-Allan, bouwjaar 1939

Bus 110, lijn D, Proveniersplein, 10-1941 Bus met gasgenerator, Kromhout-Allan, bouwjaar 1939

Op 16 november 1940 werd op lijn T de eerste aldus toegeruste autobus in bedrijf genomen. In 1940 werden 9 wagens voor houtgas ingericht en wel de nummers 86, 87, 102-104 en 108-111. Het jaar daarop werd dit getal vermeerderd met 46 wagens: nummers 71-77, 79-85, 88-95, 100, 105-107, 112-121 en 123-132.
In 1942 werden de wagens 78 en 97 door de bezetter gevorderd. In 1944 legden de Duitsers beslag op de nummers 71, 80, 81, 86, 88, 90, 95, 96, 100, 103, 109 en 115. In hetzelfde jaar werd nummer 76 verkocht aan de VAVO.

Trolleybus 901 tijdens een presentatie in de Isaäc Hubertstraat, 5-1944

Trolleybus 901 tijdens een presentatie in de Isaäc Hubertstraat, 5-1944

In 1943 werd begonnen met de uitvoering van de plannen van de toenmalige directie tot trolleybus-exploitatie. De wagens 122-129 waren bestemd, om tot trolleybussen te worden verbouwd. In 1943 werd autobus 122 omgezet in de proef-trolleybus 901.
Het jaar daarop kwamen de trolleybussen 911-914 gereed; zij waren ontstaan uit de autobussen 124, 125, 127, en 126. Van een verbouwing van de 123, 128 en 129 is niets meer terecht gekomen.

Trolleybus 911 in de Mathenesserlaan-Rochussenstraat tijdens een proefrit, 1944

Trolleybus 911 in de Mathenesserlaan-Rochussenstraat tijdens een proefrit, 1944

Hoewel lijn N (Rochussenstraat-Boergoenschevliet) voor trolleybus-exploitatie gereed was gemaakt, met bovenleiding en al langs de route, heeft men het niet verder dan tot proefritten kunnen brengen op de lus Rochussenstraat-Mathenesserlaan-Jongkindstraat. Na de bevrijding werden de trolley leidingen afgebroken en de vijf trolleybussen in hun vroegere staat van autobus terug gebracht. In 1946 geschiedde dit met de wagens 124, 126 en 127, het jaar daarop met de nummers 122 en 125.

117-2 Kromhout-Verheul

Bus 117, Kromhout-Verheul, lijn S, Station Delftsche Poort

Bus 119, Kromhout-Verheul, lijn S,

Bus 119, Kromhout-Verheul, lijn S,

Een voorzichtig herstel
Van de gevorderde autobussen keerden bij de RET in 1945 terug de nummers 71, 80, 86, 88, 90, 95, 96, 100, 103, 109 en 115. De wagens 78 en 79 zijn niet meer terug gekomen, evenmin als de 81.
In 1945 werden 14 wagens dienstvaardig gemaakt; naast de al genoemde 101 waren dit de nummers 84, 89, 91, 102, 112-114, 117, 119, 120 en 130. Het volgende jaar kwamen 25 autobussen voor de dienst gereed; de nummers 74, 75, 79, 82, 83, 85, 87, 88, 93, 95, 100, 104-108, 110, 111, 115, 116, 121, 132 en de al vermelde 124, 126 en 127. In 1947 volgden nog 9 stuks, te weten naast de bovengenoemde 122 en 125 de nummers 71, 73, 90, 109, 118, 123, 129.
Tenslotte kwamen nog 4 stuks voor de dienst klaar; in 1948 de nummers 72, 77 en 128 en in 1949 nummer 80. Bovendien zal in 1945 of 1946 ook nummer 131 nog voor de dienst gereed gekomen zijn. Het spreekt vanzelf, dat de voor houtgas ingerichte wagens bij het gereed maken voor de dienst van de houtgas installaties werden ontdaan en weer voor het gebruik van dieselolie werden toegerust.

Rest ons nog nadere mededeling te doen over de afvoer van deze serie. Gelijk gemeld, waren in oorlogstijd al 6 wagens uit het autobuspark verdwenen (nummers 98, 99 in 1940, nummers 78 en 97 in 1942 en de nummers 76 en 81 in 1944). In 1947 werden voor de sloop afgevoerd de nummers 86, 96 en 103, welk drietal niet meer voor de dienst gereed gemaakt had kunnen worden, evenals wagen 127.
In 1949 werd nummer 85 verkocht aan Dijkstra te Munnekezijl; tevens werden afgevoerd de nummers 92, 94, 104-106, 108, 111, 114, 124-126, 130-132, totaal 15 stuks. In 1950
gingen heen de wagens 74, 102 en 129. In 1951 volgden 71-73, 89, 107, 109, 118, 120-122
en 128 (11stuks) waarvan nummer 118 naar de Politie Rotterdam ging en een andere naar Groeneveld te Strijen (vernummerd in 11). in 1952 ging de 88 over naar de Gemeentelijke Vervoer
– en Motordienst, Reinigingsdienst en Ontsmettingsdienst te Rotterdam.

In 1953 verdwenen 8 wagens uit het wagenpark; de nummers 75, 83, 84, 90, 95, 100, 101 en
110. In 1954 beëindigden de wagens 80, 87, 93, 112, 113, 115, 116, 119 en 123 (9 stuks) de dienst.
Hiervan ging de 93 naar Doub & Co. In 1955 werden 6 bussen verkocht aan De Jong te Rijsoord; het waren de nummers 77, 79, 82, 91, 117 en 133, waarvan de eerste vijf bij De Jong in dienst

Bus 138, Kromhout, afgeleverd in 1943 maar pas in 1949 door Verheul opgebouwd, uit dienst 1957. De 6 laatste bussen in de Kromhout-Verheul serie, 133-138.

Bus 138, Kromhout, afgeleverd in 1943 maar pas in 1949 door Verheul opgebouwd, uit dienst 1957. De 6 laatste bussen in de Kromhout-Verheul serie, 133-138.

werden gesteld onder de nummers 46, 36, 38, 37 en 39 en de laatste voor sloop was aangekocht met het oog op nog bruikbare onderdelen.
Het laatste vijftal werd in 1957 verkocht en wel nummer 137 aan Bakkerij Van Hees te Rotterdam en de overige vier aan Hofstad-tours te Den Haag alwaar nummer 134 als wagen 1, nummer 138 als 2 en 136 als 3 in dienst kwamen op de stadsdienst te Rijswijk, terwijl nummer 135 met het oog op bruikbare reserve-onderdelen voor sloop in de garage werd gehouden.

In 1942 nam de RET de dienst Rotterdam, Oostplein-Capelle a/d IJssel over van de NV MEGGA te Capelle a/d IJssel. Zes MEGGA-bussen gingen naar het RET-park over en verkregen de nummers 21-26. De gedachte, dat de wagens 21-26 bij de MEGGA reeds dezelfde parknummers droegen, zal niet houdbaar zijn, aangezien het MEGGA-wagenpark geen hogere nummers dan van 1-14 gekend schijnt te hebben. Bovendien is zeker, dat de wagens 23 en 24 de oude MEGGA 3 en 9 waren, hoewel de juiste volgorde van de omnummering niet bekend is. Vast staat wel, dat nummer 25 de ex-Megga 10 was; welke nummers de wagens 21, 22 en 26 bij de MEGGA voerden, kon echter niet meer worden vastgesteld.
De 25 was van het fabrikaat Büssing met een Kromhout-dieselmotor; de overige vijf waren alle Kromhouts met een dieselmotor. De nummers 22-25 waren echter bij hun overgang naar de RET met Imbert-gasgeneratoren uit gerust. Nummer 25 had een torpedo front, de andere vijf frontstuur. De wagens 21, 22 en 26 hadden 23 zitplaatsen. Nummer 25 had 34 zitplaatsen en de nummers 23 en 24 telden 37 zitplaatsen.

Bus 21, (ex MEGGA), Kromhout-Verheul, Rochussenstraat, 1946

Bus 21, (ex MEGGA), Kromhout-Verheul, Rochussenstraat, 1946

Na de bevrijding werden in 1945 dienstklaar gemaakt de nummers 21, 22, 24 en 25, waarvan de
22 voorlopig. In 1946 kwam nummer 26 gereed, terwijl de 22 in afwachting van definitief herstel buiten dienst werd gesteld. Dit herstel geschiedde pas in 1949, toen de wagen van een geheel
nieuwe Verheul-carrosserie werd voorzien, welke gelijk was aan die van de bussen in de serie
71-138. Sindsdien werden 7 staanplaatsen toegelaten in de wagens 21, 22, 24 en 26.
In 1947 werden de 23 en 25 voor sloop afgevoerd; de 23 is niet meer voor de dienst gereed gemaakt geweest sedert de bevrijding. in 1950 werd de 21 afgevoerd en werden de 24 en 26 verkocht aan Groeneveld te Strijen, die ze onder de nummers 9 en 10 in dienst nam. Het langst heeft de 22 dienst gedaan bij de RET; deze wagen kwam in 1957 aan het eind van zijn loopbaan.

naar artikel 1927-1937
naar artikel 1946-1956
naar artikel 1957-1966
naar artikel 1967-1982
naar artikel 1982-1990
naar artikel 1990-2005
naar artikel 2005-heden

Geef een reactie