Remisering RTM-RETM-RET

Bij remisering hebben wij het over de organisatie van waar welke trams en tramlijnen worden gehuisvest. (Meer over de remises zelf kunt u hier vinden.)
In Rotterdam is er nooit voor gekozen trams buiten te stallen. Eenvoudigweg wat rails neerleggen en opstellen in rijen van 3 is er nooit van gekomen.

Na de bouw van de eerste Centrale Werkplaats met aansluitend ruimte om zowel rijtuigen als paarden onder te brengen is er van het begin af voor gekozen om in de buurt van de tramlijnen ruimte te vinden voor een remise.
Meer daarover ook in bovengenoemd artikel.

Hier gaat het om de informatie welke lijnen, in combinatie met welke rijtuigen in de betreffende remise onderdak kregen.
Voor die informatie gaan wij hier, anders dan anders, rechtstreeks gebruik maken van genoteerde gegevens in de geschiedenis, zonder verdere bewerking.
De eerste opgaven die gaan over de RTM in de periode 1879-1906 en de combinatie RETM-RET tussen 1905 en 1961 en komen uit de verzameling van Hans Kaper, één van de schrijvers van het standaardwerk “Trammend naar de metro”.

Waar afkortingen zijn gebruikte staan deze voor C – Charlois, D – Delfshaven, H – Isaäc Hubertstraat; vanaf 20-8-1923: – Hillegersberg en K – Kralingen.
De afbeeldingen zijn zoveel mogelijk in hun originele formaat geplaatst om de leesbaarheid zo goed mogelijk te houden. (op de PC is het beeld natuurlijk altijd te vergroten door de CTRL-toets ingedrukt te houden en het muiswieltje te draaien)

Periode 1913-1940

1913 – 1926
maart 1935
zomer 1935
winter 1935
mei 1939
juni 1939
november 1939
januari 1940
augustus 1940
3 september 1940
15 september 1940
28 september 1940
23 oktober 1940
brief 11 december 1942
brief 23 december 1942
dienstorder 889, 14 mei 1943