Citosa

GESCHIEDENIS CITOSA
N.V. Autobusonderneming “Citosa” te Waddinxveen (tot 1961: Boskoop) was een streekvervoeronderneming die van 1922 tot 1968 heeft bestaan (tot 1926 waarschijnlijk onder de naam van de oprichter Jan Kok; van 1926 tot 1933 onder de naam Trio). In 1968 fuseerde het bedrijf met de WSM tot de NV Verenigd Streekvervoer Westnederland.

Trio
De oprichter van Citosa was rijwielhandelaar Jan Kok, die op 2 januari 1922 een lijndienst opende van Boskoop naar Leiden. In 1926 fuseerde zijn bedrijf met busbedrijven van Middelkoop en Hardijzer tot Trio. Door deze fusie werden Zoetermeer en Boskoop verbonden met de drie steden Rotterdam, Den Haag en Leiden. In 1931 brak in de garage in Zoetermeer een felle brand uit waarbij vrijwel het gehele wagenpark in vlammen opging. Door de hulp van enkele bevriende bedrijven kon de dienstregeling toch worden uitgevoerd.

In rotterdam werd Citosa eerst op 20 januari 1930 actief toen de onderneming een lijdienst opende van het Zomerhofplein via Zoetermeer naar Benthuizen. Oorspronkelijk behoorde deze lijn toe aan W.H. de Vries. De lijn werd uitgevoerd met 3 Renaults die elk 18 personen konden vervoeren.

38-01

Citosa-bus voor het Delftse station uit 1946. Waarschijnlijk een Morris met Verheul opbouw uit 1940. Gebouwd voor het Rode Kruis, overgenomen door Middelkoop en uiteindelijk in dienst bij Citosa met wagenparknummer 264

NV Citosa
In 1933 werd door Jelle Kok, de zoon van de oprichter, het inmiddels uitgebreide bedrijf ondergebracht in een NV. Omdat de naam Cito (Latijn voor snel) al in gebruik was door een Haags taxibedrijf, werd de nieuwe naam NV Citos, al snel verlengd tot Citosa, omdat men dat beter vond klinken. Het bedrijf groeide door overnames en uitbreidingen in de daaropvolgende jaren. Met de W.S.M. bestonden al in 1939 financiële banden; de directeuren van beide ondernemingen waren bevriend. Ook toen de WSM in 1943 een dochteronderneming van de Nederlandse Spoorwegen werd, zette Citosa de belangengemeenschap voort. In 1940 reed de Citosa op zondag de lijndiensten van MODA, een bedrijf dat om religieuze redenen weigerde op zondag passagiers te vervoeren.
De band met de W.S.M. was dermate sterk dat na de oorlogshandelingen waardoor Citosa een aantal bussen verloor, de W.S.M. met enige bussen op de Citosa lijnen reed. In 1941 werd een gezamenlijke dienstregeling uitgegeven voor het westen en midden van Zuid-Holland en werden bovendien de bussen van beide maatschappijen in dezelfde kleuren gespoten.

In 1942 nam Citosa de lijn Rotterdam-Delft van de R.E.T. over. De exploitatie werd echter in verband met de oorlogssituatie slechts uitgevoerd van 15 mei tot 31 augustus 1942.
In de oorlogsjaren richtte Citosa zich op het midden van de provincie, waar de W.S.M. dat deed op het westelijke deel. De standplaats op het Zomerhofplein werd ingeruild voor het Noordplein en de bussen werden omgebouwd om op gas te kunnen rijden.
Omdat de vergunning van de gebr. Buitelaar niet werd verlengd kreeg Citosa op 15 mei 1942 hun trajext Rotterdam-Boskoop toegewezen en bovendien de trajecten Noordplein-Bergschenhoek-Berkel-Zoetermeer-Hazerswoude-Leiden en Noordplein-Bergschenhoek-Bleiswijk-Moerkapelle-Zevenhuizen-Waddinxveen-Boskoop-Hazerswoude. Pas in september 1944 werden de diensten uiteindelijk gestaakt.

Na de Tweede Wereldoorlog wist het bedrijf al op 23 juli 1945 met geïmproviseerde bussen de belangrijkste lijnen te bedienen.
Vanuit Rotterdam werd lijn B geopend die passagiers vanaf Station Delftsche Poort via Overschie, De Zweth, Delft, Wateringen en Naaldwijk naar ‘s-Gravenzande.
In april 1946 werden ook de lijnen vanuit Rotterdam naar Hazerswoude en Boskoop weer in bedrijf.Op 7 december 1947 werden deze lijnen samengevoegd.

De Ford-Thames van Citosa op de lijn  Zoetermeer-Rotterdam, 1946

De Ford-Thames van Citosa op de lijn Zoetermeer-Rotterdam, 1946

Het bedrijf groeide en in 1947 kwam een fusie tot stand met N.V. De Rijnstreek in Boskoop. Het hoofdkantoor werd verplaatst naar Boskoop. Citosa was nu een volledige dochteronderneming van de NS. In 1953 werden 4,6 miljoen reizigers vervoerd en 3,5 miljoen kilometer afgelegd. Het lijnennet was 260 kilometer lang en het bedrijf telde vijftig autobussen en 160 personeelsleden. De Citosa richtte zich voornamelijk op streekvervoer tussen het Zuid-Hollandse platteland en de grote steden. Van één lijn, Boskoop – Reeuwijk-Dorp – Gouda, werd de exploitatie vanaf 1948 uitbesteed aan de firma Trio van C.F. Middelkoop te Boskoop, dezelfde die al in de jaren twintig met J. Hardijzer een samenwerkingsverband aanging met Citosa-oprichter Kok.

In 1956 was Citosa het eerste busbedrijf in Europa (en mogelijk het eerste in de wereld) dat gebruik maakte van de mobilofoon. Hiermee konden alle bussen bij ongelukken, pechgevallen en andere vertragingen onmiddellijk contact opnemen met het hoofdkantoor en kon van daaruit actie worden ondernomen. Hiermee werd de dienstverlening aan de reizigers enorm verbeterd. De Citosa beschikte ook over een kraan met tien aangedreven wielen, overgenomen van het Amerikaanse leger en voorzien van sneeuwschuiver, die niet alleen gestrande bussen kon ophalen, maar ook de plattelandswegen op de busroutes sneeuwvrij kon maken.
In 1959 werd e Rotterdamse lijn weer verlengd naar Alphen aan den Rijn en in 1964 werd er een ringlijn van gemaakt via Rotterdam, Zoetermeer, Leiden, Alphen aan den Rijn en Boskoop met een uurdienst in beide richtingen.
In augustus 1967 werd de overname door Citosa van Van Gog te Capelle aan den IJssel bekendgemaakt. Dit busbedrijf exploiteerde lijndiensten in het gebied tussen Rotterdam en Gouda. De familie Van Gog trok zich uit de onderneming terug. De naam Van Gog bleef op de bussen nog gehandhaafd tot 1974.
In mei 1968 werd het nieuwe gemeenschappelijke logo van Citosa en WSM onthuld als voorbode van de fusie, eind 1968, met de WSM tot Westnederland. Het hoofdkantoor in Boskoop werd de zetel van de nieuwe onderneming.

Bewaard gebleven Citosa-bussen
Het Haags Bus Museum is eigenaar van twee vroegere Citosa-bussen:
nummer 4282, een Leyland-Verheul LV semi-touringcar uit 1961, die de donkergele Citosa-toerkleur heeft teruggekregen;
nummer 1107, een Leyland-Verheul LVB668 standaard streekbus uit 1968, in de gele openbaar-vervoerkleur die toen werd geïntroduceerd.

Leyland-Verheul 1107 uit 1968 was in feite de eerste (lees: oudste) standaardstreekbus van Westnederland. Deze bus maakt deel uit van de serie 1107-1111 en werd in 1968 door de Citosa uit Boskoop aangeschaft.

Leyland-Verheul 1107 uit 1968 was in feite de eerste (lees: oudste) standaardstreekbus van Westnederland. Deze bus maakt deel uit van de serie 1107-1111 en werd in 1968 door de Citosa uit Boskoop aangeschaft.

Daarnaast heeft het Haags Bus Museum de Leyland-Den Oudsten LO met het nummer 7639, afkomstig van de TP-RAGOM te Ridderkerk, in de groene huisstijl van de Citosa gebracht. Deze bolramer-streekbus uit 1967 komt overeen met negen Citosa-bussen (7500-serie) uit 1964-66, die echter niet meer bestaan. Omgekeerd fungeert ex-Citosa-bus 1111 uit 1968 – identiek aan museumbus 1107 – bij het Nationaal Bus Museum in Hoogezand als bus 1121 van de vroegere NOF (Noord-Oost-Friesche Autobusonderneming).

Bronnen: http://nl.wikipedia.org/wiki/Citosa en 75 jaar autobussen in Rotterdam van Martin Wallast.

Klik hier voor de foto’s van Citosa bussen.

  4 comments for “Citosa

  1. Henk Rademakers
    29 januari 2015 at 15:25

    Goedemiddag.
    Wat ik mij nog herinner uit mijn jeugd geb 1942 dat er in de periode na de oorlog bussen reden van Citosa met een oplegger.
    Zijn daar nog afbeeldingen van ergens?
    Met vr. groeten

    • 25 februari 2015 at 14:06

      Geachte Heer.

      Ik ben in het bezit van 2 foto’s van de door u bedoelde opleggers. Het zijn geen Citosa opleggers, maar wel van de WSM. Dit waren bussen die uit dezelfde serie kwamen. Een aantalis naar Polen getransporteerd in de begin jaren ’50. Andere zijn onder andere door het Rode Kruis overgenomen voor medisch onderzoek op het platteland. Als u ze wil hebben hoor ik het wel.

      Met vr. gr.

      Rob Sandbrink

  2. N.W. de Jong Gz.
    30 maart 2016 at 16:20

    Nico de Jong, heeft herinneringen uit zijn jeugd van genoemde Crossley trekker met Verheul trailer, die reed van Alphen a/d rijn naar Leiden. Ciutosa, of Ned. Spoorwegen.
    Hij heeft er een model van gebouwd op schaal 1: 18.
    Het is te zien in het Veteranenmuseum van de Stichting Dorstige Types.
    Facebook: Rijdend Unifil museum d.t. Spijksedijk 48 Gorinchem – Oost.
    Open op zaterdag/zondag vanaf 12.00 uur.

  3. 22 juni 2016 at 18:23

    In bovengenoemd museum staat een model van een Ford trambus model 1936 van de Alphense busonderning M.O.D.A.
    Dat v.m. reed op Leiden?

Geef een reactie