OV-straten Oosterkade

Oosterkade (1856), Oudehoofdplein (1598), Spoorwegstraat (1862-1957)

Ten zuiden van het Haringvliet, die in 1590 aan de oostzijde van de Oudehaven ten behoeve van de haringvissers werd gegraven staat nog steeds een rij huizen die, hoewel 300 jaar later gebouwd, daar nog steeds aan herinnerd.
Met het graven van deze haven ontstond ook het Oudehoofd met de daarop in 1598 gebouwde Hoofdpoort die in 1856 werd afgebroken, welke plek later tot Oudehoofdplein werd omgedoopt.

Foto vanaf het Witte Huis, Oudehoofdplein met rechts de Oosterkade, ca. 1935

Foto vanaf het Witte Huis, Oudehoofdplein met rechts de Oosterkade, ca. 1935

De Oosterkade, gelegen ten oosten van de Oudehaven heeft alles te maken met het Maasstation, zoals vele Rotterdammers dit oorspronkelijk Rhijnstation tot 1890 geheten kopstation van de Rhijnspoorwegmaatschappij, noemden. Deze kade ontstond tussen 1856 en 1858 door het storten van grond in de Nieuwe Maas, omdat de oorspronkelijke plannen voor het station hadden voorzien in een meer westelijke situering waarmee het station op de Oosterkade gebouwd had moeten worden. De aanleg van deze kade betekende daarmee ook het einde voor de hiervoor genoemde Hoofdpoort.
Hierdoor kwam niet alleen een nieuw stuk landaanwinning ter beschikking maar ook ontstond nieuwe kade die na de ingebruikname van het station gebruikt werd voor de aan- en afvoer van goederen en passagiers die per trein waren aangekomen of moesten vertrekken.

Die situatie was ook kenmerkend voor de openbaar vervoersactiviteiten die met de huidige op die plek liggende Maasboulevard bijna volkomen verdwenen is.

De trein
De op 3 juli 1845 in Utrecht opgerichte Nederlandsche-Rhijnspoorweg Maatschappij was verantwoordelijk voor de bouw van het tweede Rotterdamse spoorwegstation aan de Oosterkade.
Opvallend is wel dat het goederenvervoer voor de NRS belangrijk was. Dat kwam in het bijzonder tot uiting door de verbinding met Duitsland, waarvoor veel belangstelling was hetgeen zich ook uitte door een ruim goederenemplacement ter hoogte van de huidige Oostmaaslaan.
In 1890 is de NRS overgenomen door de Staat der Nederlanden, die de exploitatie in handen gaf van de Staatsspoorwegen (SS). Het spoorwegmaterieel van de NRS werd verdeeld over de Staatsspoorwegen (SS) en de Hollandse IJzeren Spoorweg-Maatschappij (HSM). Daarmee werd ook de naam van het station gewijzigd in Rotterdam-Maas.
Op 1 januari 1917 werd samen met de Maatschappij tot Exploitatie van Staatsspoorwegen de belangenmaatschap Nederlandse Spoorwegen opgericht. Dit mondde uit in een fusie en de oprichting van de N.V. Nederlandsche Spoorwegen op 1 januari 1938.
Wanneer om half twaalf ‘s avonds, op de 12e mei 1940, het Maasstation wordt gebombardeerd is het lot van het station bezegeld.
Hoewel er een provisorisch herstel volgde en zowel de stationsgebouwen als het emplacement weer gebruikt konden worden, paste het station niet meer in het nieuwe Rotterdam en sloot het in 1953.

De tram
Aanvankelijk werd de reiziger die in Rotterdam arriveerde aan zijn lot overgelaten, een particulier koetsje daargelaten.
Een geregelde dienst naar elders in de stad zou op zich laten wachten tot 4 februari 1880, zij het dat de passagiers nog naar het Oostplein moesten lopen om in een paardentramrijtuig van lijn F te stappen. Het duurde nog 3 jaar tot 21 januari 1883 tot de lijn van het Oostplein werd verlengd naar Station Rhijnspoor. Later volgde een verlenging van deze lijn vanaf het Centraal Station naar het Willemsplein.

Op 15 oktober 1906 verschijnt de eerste elektrische tram, lijn 4, waarvoor het kopspoortje voor het station werd doorgetrokken over de Oosterkade naar het Oudehoofdplein (net om de hoek) waar ook een kopeindpunt tegenover de Koningsbrug was aangelegd. De trams kwamen via de Nieuwe Oostbrug om dan over het korte stukje Spoorwegstraat naar de Oosterkade te rijden.
In 1912 verschijn op 5 september ook lijn 10, die voor de ingang van het Maasstation een nieuw kopeindpunt krijgt toebedeeld. Het kopeindpunt op het Oudehoofdplein wordt door lijn 4 op 25 maart 1924 verlaten en verruild voor een luseindpunt waarvoor op de Oosterkade rondom het park een langgerekte lus is aangelegd zodat zowel op de kop aan de westkant met een extra opstelspoor een eindpunt is gecreëerd, maar waardoor nu ook recht voor de ingang van het Maasstation ingestapt kan worden. Per diezelfde datum verdwijnt lijn 10 van de Oosterkade en komt daarvoor lijn 7 in de plaats waarvan het lijnnummer op 1 juni 1933 weer wisselt in 8.
Halverwege de Oosterkade aan de zuidzijde van het park is een extra opstelspoor aangelegd.
Ook dient lijn 23 te worden genoemd die van 24 maart 1930 tot 1 juli 1936 van het luseindpunt op de Oosterkade gebruik maakte en naar de Kootschekade reed. We eindigen de opsomming met lijn 6 die vanaf 1 juli 1934 tot 10 mei 1940 de route Sation Maas-Schieweg voor zijn rekening nam.

Met het bombardement van het Maasstation en de directe omgeving veranderde in de oorlogsjaren het sporenplan. Per 15 mei 1943 kwam er halverwege het park een lus die vanaf 31 mei met de cijfers van de klok mee bereden zou worden en waarbij het westelijke opstelspoor bij het Oudehoofdplein kwam te vervallen. Hierdoor bleef er een opstelspoor aan de noordzijde en een opstelspoor voor de ingang van het station beschikbaar. Het Oostplein dat eerder via een S-bocht over de Nieuwe Oostbrug bereikt werd kreeg een kortere rechthoekige verbinding via de Spoorwegstraat. Deze situatie bleef gehandhaafd tot de sluiting van het Maasstation op 4 oktober 1953 toen als laatste ook lijn 4 verdween.

Een bus?
Reguliere buslijnen hebben station Maas zelden aangedaan. Alleen buslijn B, de lijn die op 26 mei 1928 als bijzondere lijn voor de Nenijto tentoonstelling ging rijden tussen Station Maas en de Nenijto. Na sluiting van de Nenijto m.i.v. 1 oktober 1928 werd de lijn doorgetrokkken naar Henegouwerplein. Na nog de nodige eindpuntwijzigingen in het Beukelsdijkkwartier te hebben ondergaan moest deze lijn om economische redenen worden opgeheven m.i.v. 4 augustus 1932. De tijdelijke lijnen die in 1936 en 1937 reden voor de 6-daagse wielerwedstrijden op het Nenijtoterrein reden van daar via de Oosterkade naar de Brielselaan. Ook ten behoeve van de grote Havententoonstelling Rotterdam Ahoy, reed er vanaf station Maas een buslijn H van 15 juni 1950 tot 1 september van dat jaar.
Tenslotte noemen we nog een minder geliefde lijn die in opdracht van de Duitse bezetter reed om officieren die vanuit Duitsland op station Maas aankwamen, te vervoeren naar de Parklaan.
Deze ‘Ortskommandantur’ reed van 7 tot 14 juni 1940.

Scheepvaart
Er waren in de 19de en 20ste eeuw nog vele ‘interlokale’ stoombootmaatschappijen die vaste diensten over de grote rivieren van en naar Rotterdam onderhielden. Deze bootdiensten vertrokken veelal vanaf de Oosterkade bij het Maasstation. Twee van de bekendste en belangrijkste waren de Lekdienstrederij en Fop Smit & Co.

In 1857 begon de Lekdienstreederij van J.H. von Santen & Co. met een raderstoomboot een dienst tussen Rotterdam en Schoonhoven. Vanaf 1879 werd het bedrijf aangeduid als Stoombootdienst op de Lek en bij Koninklijk Besluit in 1896 werd de rederij omgevormd tot de ‘NV Stoomboot-Reederij Op de Lek’. In 1912 werd de in 1903 opgerichte concurrerende NV Stoombootdienst op de Lek (voorheen L. van Zessen & Zn.), te Schoonhoven overgenomen.
Een andere bekende stoombootdienst was die van de Stoomboot-Reederij Fop Smit & Co., met een dienst tussen Rotterdam en Schoonhoven en zelfs verder naar Culemborg. In 1935 beëindigde Fop Smit haar diensten. De Stoomboot-Reederij Op de Lek nam Fop Smit’s stamlijn Rotterdam – Dordrecht – Gorinchem over waarbij het deel Dordrecht – Gorinchem werd omgezet in een vrachtautodienst. Als bootdienst bleef in 1935 alleen Rotterdam – Dordrecht in bedrijf, door omstandigheden slechts gevaren in 1935 – 1937, 1940 – 1944 (met schroefstoomboot door naar Sliedrecht) en in 1945 – 1946. In 1948 hief de Reederij op de Lek tenslotte haar Lekbootdienst op.

In onderstaande fotogalerij zijn ook enkele foto’s opgenomen die eerder zijn gepubliceerd in onderstaande boeken:
De Stadsdriehoek van Rotterdam -deel 4- (1994) M.M.S. Feringa
Echt Rotterdamsch! (1935) A. Mineur
In Rotterdam gebeurde’t (1994) F.J. v. Zonneveld
Metamorfose Rotterdam (2002) B. Maandag/E.W. Notenboom
Rotterdam blijft mijn stad (1978) F.J. v. Zonneveld
Rotterdam in de jaren tien (1985) H. Romer
Rotterdam van 19toen tot 19nu (1988) D. v. Koten
Sporen in Rotterdam (1993) J.W> v. Borselen
Stad van formaat (2000) P.v.d. Laar
Unieke Rotterdamse jaren (1996) H.A. Voet/J.F.H. Roovers
Van Zeemanshospitaal tot Havenziekenhuis (1992) M.J. v. Lieburg
Verrassend Rotterdam (2010) C. Zevenbergen

Foto’s Oosterkade en Oudehoofdplein

  5 comments for “OV-straten Oosterkade

  1. Rick Pas
    7 april 2014 at 15:43

    Hallo René
    De foto (nr.7) toont zeker niet de 1322, maar rijtuigen serie 1361-1406.

  2. Michel
    3 juli 2016 at 16:38

    Het plaatje van de 119 (lijn23) hoort er niet tussen, is gemaakt op de Bergweg.

    • René van der Beek
      4 juli 2016 at 06:52

      Ik geloof je graag, maar waar op de Bergweg Michel?

  3. Michel
    4 juli 2016 at 08:43

    Bij de Gordelweg, links naast de wagen is de kerk aan de Statenlaan te Hillegersberg te zien, en rechts staat een vierasser bij het eindpunt van lijn 3 (keerlus Hr Vrankestraat), achter het hek rechts zat volgens mij en broodbakkerij.

    • René van der Beek
      5 juli 2016 at 07:02

      Dankjewel, helemaal herkenbaar!

Geef een reactie